Burgemeester Jouke Douwe de Vries op pad met de wijkagent
Als burgemeester heb ik het lokaal gezag over de politie bij hulpverlening en handhaving van de openbare orde. Maandelijks kom ik op het politiebureau in Burgum om lopende zaken te bespreken. Deze avond ben ik er ook, maar dit keer om mee te lopen. Want wat doet een politieagent nu eigenlijk? Ik kreeg een mooi inkijkje.
Aan het begin van de avond ontmoet ik wijkagent Hendrik de Haan op het politiebureau in Burgum. Dit is ook het bureau van waaruit Achtkarspelen in de avonduren wordt bediend. Overdag is er ook een post in het gemeentehuis in Buitenpost. De Haan werkt al 26 jaar bij de politie en is wijkagent voor Buitenpost, Gerkesklooster/Strobos, Augustinusga en Surhuizum. Zijn dienst is die middag om twee uur begonnen en het was alles behalve rustig. "We hawwe assistearre by de traumahelikopter yn De Harkema," vertelt De Haan. "En we hawwe by in âlde frou west dêr't de famylje gjin kontakt mei krije koe. We fûnen har op de grûn, mar lokkich libbe se noch." Daarnaast waren er meldingen van nepagenten die mensen telefonisch benaderen. "It hat even wat rêstiger west, mar we krigen no wer meardere meldingen," aldus De Haan.

We stappen in de auto om een ronde door de gemeente te doen. Wijnand Silvis is deze avond de partner van De Haan. Silvis werkt sinds een jaar bij de politie in Burgum en het bevalt hem uitstekend. "Vooral de vrijheid," zegt hij. "En bij welk ander beroep heb je nu dat je aan het begin van je dienst niet weet wat je allemaal mee zult maken?"
We gaan eerst naar Surhuisterveen. Daar voeren De Haan en Silvis een zogenaamd 'stopgesprek' met een man die zijn ex-vrouw nog steeds lastig valt. Tevreden stappen beide mannen even later weer in de auto. Het gesprek is goed verlopen en de boodschap lijkt aangekomen. We rijden door naar Surhuizum. Onderweg hebben we het over het belang van de Friese taal bij dergelijke gesprekken met burgers. Silvis spreekt zelf maar een beetje Fries. "Je ziet dat de boodschap van Hendrik beter overkomt als hij Fries met iemand spreekt die ook Friestalig is," zegt hij met de nodige bewondering.
Na al die jaren kent De Haan zijn pappenheimers. Op zijn ronde rijdt hij steevast langs de plekken waar regelmatig iets gebeurt. "Sa hat elk doarp syn bysûndere gasten en eigenaardichheden," glimlacht hij.
Via Augustinusga rijden we naar Strobos en Gerkesklooster. Vanuit Gerkesklooster komen de laatste tijd regelmatig telefoontjes van mensen die vermoeden dat er gedeald wordt. "Wy sjogge dat noch net sa," zegt De Haan. Maar nu zien we op een verlaten parkeerplaats een auto staan. Een man is aan het bellen. Het is aanleiding voor De Haan en Silvis om een gesprekje aan te knopen. Het blijkt loos alarm. "It foel wat ta," zegt De Haan. "Hy hie hjir in gearkomste, tocht er, mar der wie net ien."
Even verderop zwaait een vrouw naar ons. Haar man komt naar de auto en wijst ons op een dode ree in het water van de Oude Vaart in Gerkesklooster. Na enig overleg wordt afgesproken dat de man de ree uit het water zal halen en dat Silvis een melding bij de gemeente zal doen, zodat het kadaver morgen afgevoerd kan worden. Ook weer opgelost.
Langs de Trekweg rijden we naar Buitenpost. Ondertussen vertelt De Haan over een aantal tragische voorvallen die hem zijn bijgebleven. "Sommige dingen haw ik bêst lêst fan hân. Ik fyn it it minst as der bern by belutsen binne. Sa moast in pear jier ferlyn in jonge fan tsien jier reanimearre wurde. Dy hat it doe net helle. Myn eigen soan wie doe ek tsien. Dat hakte der by my doe bot yn." Het tekent de betrokkenheid van De Haan bij 'zijn' dorpen. Hij kent veel bewoners, getuige ook de keren dat hij even uit de auto stapt om een praatje te maken. "Guon hawwe in soad meimakke en ik fyn it wichtich om dêr each foar te hawwen."

Bij het station in Buitenpost zien we een auto plotseling wegrijden. Het kenteken wordt snel even gecheckt. De bestuurder is niet bekend. Toch wordt de auto even verderop staande gehouden en volgt een kort gesprek. "Neat oan 'e hân," zegt De Haan als hij weer instapt. "It liken prima knapen. Harren papieren wiene yn oarder en se kamen ek net yn ús systemen foar."
We rijden terug naar Burgum. De dienst van beide agenten zit er bijna op. Ik vraag of ik op deze avond een beetje een doorsnee avond heb meegemaakt. "Op zich wel," zegt Silvis. "Jammer alleen dat er geen spoedmelding was." Ik antwoord lachend dat ik daar eigenlijk wel blij om ben en herinner hem eraan dat ze die middag al een paar spoedmeldingen hebben gehad. "It wie in ridlik standert tsjinst," geeft De Haan aan. "We binne hjoed in soad bûten west en dat is moai."
Op mijn beurt ben ik weer een ervaring rijker en heb ik een mooi inkijkje gekregen in het werk van de politie in onze gemeente. Mijn respect voor hun inzet, daadkracht en betrokkenheid bij het wel en wee van onze inwoners is er alleen maar groter door geworden.

